Soorten prenten


Grafiek is altijd gemaakt met een druktechniek. Er zijn verschillende soorten grafiek die ieder met een andere techniek worden vervaardigd. Dit zijn de belangrijkste en meest voorkomende.

 Ets

Een ets wordt vooral gebruikt om zeer precieze zwart-witafbeeldingen te maken. Het wordt gemaakt met een metalen plaat bedekt met was. Met een etsnaald tekent de kunstenaar hierop een afbeelding. De etsplaat wordt vervolgens ingedompeld in zuur. Het zuur komt alleen terecht op de plekken waar het was is weggekrast met de etsnaald. Hoe langer de plaat in het zuur blijft, hoe dieper en donkerder de lijn zal zijn. Wanneer de plaat uit het zuur is gehaald, wordt de hele plaat bedekt met inkt. Deze inkt wordt er vervolgens weer afgepoetst maar blijf zitten in de ingesneden lijnen. De plaat wordt neergelegd onder de drukker die er een vochtig papier op perst. Omdat het papier vochtig is, wordt het door de pers beter in de graveringen gedrukt. Hierdoor blijven de geëtste lijnen achter op het papier.

 Lithografie

Lithografie is een eeuwenoude druktechniek die zeer tijdrovend is en bovendien een specialistische vaardigheid. Bij het maken van een litho maakt de kunstenaar de tekening met vette inkt of krijt op een (kalk)steen. De rest van de druktechniek is gebaseerd op het principe dat water en vet elkaar afstoten. Nadat de tekening is aangebracht wordt de steen ingewreven met een mengsel wat indringt op inktloze plekken. Dit zijn de plekken waar straks geen vet door kan dringen. De volgende stap is dat met terpentine de tekening wordt verwijderd. De tekening lijkt dan verdwenen maar de vet van de inkt blijft zitten. De steen wordt daarna met een spons nat gemaakt. De plekken op de steen waar de inkt heeft gezeten, blijven automatisch droog doordat het vet daar is blijven zitten. Wanneer tot slot de inkt wordt aangebracht, hecht de inkt zich alleen aan het droge gedeelte.

Tot slot wordt de afdruk in een speciale pers overgebracht op papier. Je hebt dan een afdruk in één kleur. Om meerdere kleuren te gebruiken moet dit proces herhaald worden met een andere kalksteen en een andere kleur inkt. Dit kan pas gebeuren als het papier gedroogd is. Het maken van een litho is dus heel arbeidsintensief en vereist veel geduld en precisie.

 

Zeefdruk

Tegenwoordig wordt de zeefdruktechniek misschien wel het meest gebruikt door kunstenaars. Het drukproces is gebaseerd op een sjabloon. Het sjabloon wordt op het papier gelegd. Daarop wordt weer vervolgens een heel fijn zeefgaas gelegd. De verft wordt hierop aangebracht en met een rakel verdeeld over het zeefgaas. Zo baant de inkt zich een weg via de zeef door de delen die het sjabloon niet blokkeert. Wanneer er andere kleuren worden toegevoegd op het papier, wordt dit proces herhaalt met een nieuw sjabloon of zeef.

Houtsnede

De houtsnede is de oudste soort afdruk. Het werkt als een soort stempel waarbij alleen de hoge delen worden gedrukt. De kunstenaar schetst een tekening op een stuk hout. Dan gutst hij de tekening uit met speciale gutsen. Vervolgens wordt met een inktroller een laagje inkt aangebracht over de houtsnede. Er wordt een vel papier bovenop gelegd en druk uitgeoefend met de pers waardoor er een afdruk van de verhoogde delen achterblijft op het papier.